Achteruitgang toegankelijkheid Stadsbussen

Namens de platforms APCG (Arnhems Platform Chronisch zieken en Gehandicapten), ZRCN (ZelfRegie Centrum Nijmegen) en SGO is een klachtenbrief gestuurd over nieuwe bussen in onze regio. Hieronder leest u de hoofdlijn uit die brief. 

Protestactie op het provinciehuis Arnhem

Op 28 juni 2026 is de nieuwe concessie voor het busvervoer in onze regio ingegaan. In het voortraject van deze concessie zijn de belangenorganisaties uit de regio niet betrokken geweest. Dat is in strijd met het VN-verdrag Handicap, wat stelt dat mensen met een beperking betrokken moeten worden bij beleid wat over hen gaat.

De toegankelijkheid van de niet gelede stadsbussen is op diverse punten verslechterd. Op basis van het gebruik van de nieuwe bussen stellen wij in elk geval vast dat de toegankelijkheid is verslechterd op de volgende punten:

  • Het aantal rolstoelplekken is gehalveerd.
  • Er zijn minder zitplaatsen zonder opstap en er is geen plek voor een hulphond.
  • De incheck bij instappen zit in verschillende bussen op verschillende plekken waardoor iemand met een visuele beperking niet zonder hulp kan inchecken.
  • Er is weinig contrast tussen stopknoppen en USB-laadpunten en daardoor zijn de knoppen niet goed te vinden.
  • De lijnnummers zijn slechter zichtbaar.

Er is dus duidelijk sprake van een achteruitgang van de toegankelijkheid in vergelijking met de concessie voor de periode 2013-2023.

Inspreektekst halvering rolstoelplaatsen bussen bij de protestactie

Mijn naam is Ilhame en ik spreek vandaag als rolstoelgebruiker en vanuit Stichting Gehandicaptenplatform Overbetuwe.
Het aantal rolstoelplaatsen wordt gehalveerd. Daar ben ik, net als het Zelfregiecentrum Nijmegen en het APCG Arnhem, erg teleurgesteld over. Ik sluit mij daarom aan bij de bezwaren van de eerste twee sprekers. Voor mij gaat dit niet alleen over een aantal plaatsen in een bus. Het heeft direct gevolgen voor mijn dagelijks leven.

Als ik bijvoorbeeld met mijn zus of een vriendin op pad wil en zij zit ook in een rolstoel, kunnen we straks niet meer vanzelfsprekend samen reizen. Als er maar één rolstoelplek beschikbaar is, moeten we kiezen wie er mee kan. De ander moet wachten of apart reizen.Voor iemand die geen rolstoel gebruikt, klinkt dat misschien als een klein probleem. Maar voor mij voelt dat als een beperking van mijn vrijheid.
Ik wil net als iedereen kunnen zeggen: Zullen we samen naar de stad gaan? En vervolgens gewoon de bus kunnen nemen. Openbaar vervoer gaat voor mij niet alleen over van A naar B komen. Het gaat ook over familie en vrienden bezoeken, samen iets ondernemen en zelfstandig mijn leven kunnen leiden.

Wat zegt het VN-verdrag Handicap?

Nederland heeft het VN-verdrag Handicap ondertekend. Dat verdrag gaat er in de kern over dat mensen met een beperking gelijkwaardig mee moeten kunnen doen in de samenleving.
Voor mij betekent dat heel simpel: ik wil dezelfde mogelijkheden hebben als iemand zonder beperking.
Het verdrag gaat onder andere over zelfstandigheid, toegankelijkheid en deelname aan de samenleving. Openbaar vervoer speelt daar een belangrijke rol in. Als ik niet met de bus kan reizen, wordt het voor mij moeilijker om zelfstandig naar mijn familie, vrienden, werk, afspraken of andere activiteiten te gaan.
Maar het gaat nog een stap verder.

Het VN-verdrag gaat ook over het voorkomen van uitsluiting. En als ik niet samen met mijn zus of vriendin in een rolstoel in dezelfde bus kan reizen omdat er maar één rolstoelplek beschikbaar is, dan word ik in de praktijk beperkt om gewoon mee te doen.Dat voelt voor mij als uitsluiting.
Voor iemand zonder beperking is het heel normaal om samen met een broer, zus, vriend of vriendin met de bus te reizen. Ik vind dat dit ook voor mensen met een beperking normaal moet zijn. Daarom vind ik het moeilijk te begrijpen dat het aantal rolstoelplaatsen juist wordt verminderd.
We praten vaak over inclusie en toegankelijkheid. Maar hoe inclusief zijn we als twee mensen in een rolstoel niet meer samen met de bus kunnen reizen?
Ik vraag niet om een voorkeursbehandeling. Ik vraag alleen om mee te kunnen doen.
Als we het VN-verdrag Handicap serieus nemen, moeten we volgens mij niet kijken naar wat het minimale aantal rolstoelplaatsen is. We moeten kijken naar wat nodig is om mensen echt zelfstandig en gelijkwaardig te laten reizen. Toegankelijkheid betekent voor mij niet dat er één rolstoelplek is. Toegankelijkheid betekent dat ik samen met mijn zus of vriendin in dezelfde bus kan stappen.
Dat zou geen uitzondering moeten zijn. Dat zou normaal moeten zijn.

Ik hoop daarom dat u niet alleen kijkt naar cijfers, capaciteit en kosten, maar vooral naar wat deze beslissing betekent voor mensen zoals ik. Want achter iedere rolstoelplek zit een persoon. Iemand met familie, vrienden, afspraken en een eigen leven.
Wij willen niet apart worden gezet. Wij willen gewoon mee kunnen doen.

Dank u wel.